Fiscale eindejaarstips 2014

Maak nu gebruik van de fiscale mogelijkheden, nu het nog kan. Voor veel regelingen betekent dat: actie ondernemen vóór 31 december van dit jaar. Onze eindejaarstips helpen u daarbij.

 

Tips voor particulieren

 

Schenkingsvrijstellingen 2014

Hebt u de belastingvrije schenkingen aan kinderen, kleinkinderen en goede doelen al benut? De vrijgestelde bedragen voor 2014 zijn als volgt:

  • jaarlijkse schenking door ouders aan kinderen: maximaal € 5.229 per kind;
  • eenmalige schenking aan kinderen (of hun huwelijkspartner of hun geregistreerde partner): maximaal € 25.096 per kind. Het kind moet tussen de 18 en 39 jaar oud zijn en vóór 1 maart 2015 moet er een schenkingsaangifte worden ingediend (waarin een beroep wordt gedaan op de vrijstelling);
  • ‘overige verkrijgers’ (zoals kleinkinderen): maximaal € 2.092 per persoon of instantie per kalenderjaar.
  • 2014 is het laatste jaar waarin de bekende eenmalige belastingvrije schenking van € 100.000 voor – kortgezegd – de eigen woning kan worden gedaan (zie hierna).

 

Bijzonderheden:

  • de eenmalige schenking aan kinderen kan met € 27.187 belastingvrij verhoogd worden van € 25.096 naar € 52.281, als het kind de schenking gebruikt voor het kopen van een huis of het betalen van een studie. In het laatste geval moet de studie minstens € 20.000 kosten. De vrijstelling mag niet worden gebruikt voor het aflossen van een bestaande studieschuld. De vrijstelling mag daarentegen wel gebruikt worden voor het aflossen van een eigenwoningschuld;
  • als een kind vóór 2014 ook al de verhoogde vrijstelling heeft toegepast, heeft hij of zij recht op nóg een eenmalige vrijstelling van € 27.187 als die gebruikt wordt voor de aankoop van een huis of voor het aflossen van een eigenwoningschuld;
  • schenkingen aan goede doelen (zoals kerkelijke en charitatieve instellingen) zijn vrijgesteld van schenkbelasting. Hoe hoog het bedrag ook is. Het goede doel dient echter wel officieel erkend te zijn, door middel van een zogenaamde ʼAnbi-verklaring’. Anbi staat voor: ‘algemeen nut beogende instelling’. De lijst met erkende instellingen vindt u op www.anbi.nl. U dient er rekening mee te houden dat door de per 2014 ingevoerde scherpere eisen om als Anbi gerangschikt te kunnen worden de eerder bestaande lijst kleiner is geworden.

 

Definitief einde voor verruimde schenkingsvrijstelling voor eigen woning

 

De vorig jaar ingevoerde tijdelijke verruiming voor de schenkingsvrijstelling voor de eigen woning zal niet verlengd worden. Dat heeft minister Dijsselbloem definitief besloten. De regeling heeft naar zijn zeggen aan haar doel voldaan en kan daarom verdwijnen. Dat betekent dat u alleen nog maar dit jaar van de faciliteit gebruik kunt maken. Daarna is het feestje voorbij. De regeling is een erg groot succes geweest, wat mogelijk verklaart waarom op 31 december het loket op slot gaat. Waar gerekend was op ongeveer 20.000 belastingvrije schenkingen gedurende de hele periode, stond halverwege 2014 de teller al op 50.000 belastingvrije schenkingen. En daar zal – zeker nu de regeling wordt beëindigd – nog het nodige bijkomen. Daarmee lijkt opnieuw sprake te zijn van een regeling die aan zijn eigen succes ten onder gaat.

 

De regeling nog even puntsgewijs;

 

-          Het gaat om een belastingvrije schenking van € 100.000.

-          Het betreft hier een tijdelijke verhoging van de bekende vrijstelling van € 52.281. Normaal gesproken geldt de vrijstelling alleen voor een schenking van ouders aan een kind tussen 18 en 40 jaar, waarbij het geschonken bedrag gebruikt moet worden voor woning of studie.

-          In de tijdelijke regeling mag iedereen van een familielid of van een derde een schenking ontvangen van maximaal € 100.000. Deze schenking is zoals gezegd vrij van schenkbelasting.

-          Het geschonken bedrag dient te worden gebruikt voor de aankoop van een eigen woning (al dan niet in aanbouw), voor de verbetering of het onderhoud hiervan, voor de afkoop van een recht van erfpacht of opstal op deze woning, voor de aflossing van een eigenwoningschuld of (sinds 29-10-2012) de aflossing (helemaal of deels) van de restschuld van een verkochte eigen woning.

-          De vrijstelling is eenmalig en in de aangifte schenkbelasting dient op de vrijstelling een beroep te worden gedaan.

-          De bekende 180-dagen regeling (die in werking treedt indien de schenker binnen 180 dagen na het doen van de schenking komt te overlijden) is niet van toepassing.

-          De schenking moet gedaan worden onder de voorwaarde dat het geschonken bedrag wordt gebruikt op een manier zoals hiervoor is aangegeven. Dat betekent onder meer dat een aflossing op 31-12-2014 ook daadwerkelijk moet hebben plaatsgevonden!

-          Wacht daarom niet tot het laatste moment om een schenking te doen en over te maken aan de kinderen. Er moet voor hen (en de bank) tijd zijn om de schenking administratief te verwerken.

-          De faciliteit is niet voorbehouden aan schenkingen van ouders aan hun kinderen, al zal dit natuurlijk wel de meest voorkomende situatie zijn.

-          Grappen om meerdere malen gebruik te kunnen maken van het vrijgestelde bedrag van € 100.000 (bijvoorbeeld door behalve vanuit privé ook door uw bv te laten schenken of door kruislingse schenkingen tussen broers en zusters aan hun respectieve neven en nichten) zullen – zo is aangekondigd – door de Belastingdienst bestreden worden.

-          Het verhoogde belastingvrij te schenken bedrag dient wel verminderd te worden met eerder in de betreffende periode door de ouders aan hun kind(eren) gedane verhoogde schenkingen. Bedenk wel dat deze korting alleen maar van toepassing is als de schenking door de ouders wordt gedaan. Schenkingen van anderen (bijvoorbeeld van de grootouders) hoeven niet op de verhoogde vrijstelling in mindering te worden gebracht.

 

Bedenk verder dat het nog maar de vraag is of het voordeel in de schenkbelasting wel opweegt tegen het gemis van minder hypotheekrenteaftrek over dit bedrag bij de ontvanger. Misschien is belast schenken en (nog) niet aflossen in uw geval wel voordeliger.

Belasting terugvragen met T-biljet of P-formulier

Tot en met 31 december 2014 kunt u nog belasting terugvragen voor het belastingjaar 2009 (of voor latere jaren natuurlijk). Dat is niet alleen zinvol voor mensen die gedurende een korte periode inkomen hebben genoten, zoals vakantiewerkers, maar ook als u achteraf recht blijkt te hebben op een hogere heffingskorting. Deze faciliteiten kunnen van toepassing zijn als u alleenverdiener of alleenstaande ouder bent geworden. U dient wel rekening te houden met de drempelbedragen voor teruggave.

 

Voor het belastingjaar 2009 kunt u nog het oude T-biljet gebruiken. Voor 2010 en daarna gebruikt u het nieuwe P-formulier.

 

Waarschuwing: houd er rekening mee dat u bij onnadenkend indienen van een T-biljet of P-formulier juist een aanslag kunt krijgen, in plaats van een teruggave. Laat dus tijdig een proefberekening door ons maken, om te kijken of het zinvol is om belasting terug te vragen.

 

Optimaal beleggen in box 3

 

Er zijn verschillende mogelijkheden om het belastbare vermogen omlaag te krijgen. Hieronder laten we zien hoe u dat doet.

 

Fiscaalvriendelijke beleggingen

Vanaf 2014 is de vrijstelling voor maatschappelijke beleggingen en het verstrekken van venture capital (durfkapitaal) komen te vervallen. Wel is er een vrijstelling voor groene beleggingen. Onder groene beleggingen wordt verstaan, aandelen in, winstbewijzen van en geldlening aan aangewezen groene fondsen. De vrijstelling bedraagt maximaal € 56.420. Bij ‘fiscale partners’ – zoals echtgenoten – mag het bedrag nog eens verdubbeld worden. De maximale verhoging van het heffingsvrije vermogen komt daarmee op maximaal tweemaal € 56.420 is € 112.840.

 

Let op: naast de verhoging van het heffingsvrije vermogen geldt voor de groene beleggingen nog een extra heffingskorting van 0,7% over het vrijgestelde bedrag. De heffingskorting mag worden afgetrokken van de te betalen belasting.

 

Algemene vrijstelling voor iedereen

Van het totale vermogen van de belastingplichtige is € 21.139 per persoon vrijgesteld. Voor fiscale partners wordt dit bedrag verdubbeld. Dit wordt het ‘heffingsvrije vermogen’ genoemd.

 

Algemene vrijstelling voor kinderen

U dient er rekening mee te houden dat het (extra) heffingsvrije vermogen voor minderjarige kinderen al met ingang van 1 januari 2012 is vervallen.

 

Algemene vrijstelling voor ouderen

Belastingplichtigen die eind 2014 – of bij het eind van de belastingplicht – de AOW gerechtigde leeftijd hebben bereikt, kunnen onder bepaalde voorwaarden gebruik maken van de zogenaamde ouderentoeslag (de onderstaande inkomensgrenzen gelden vóór inachtneming van de persoonsgebonden aftrek):

  • bij een inkomen van maximaal € 14.302 bedraagt de ouderentoeslag maximaal € 27.984;
  • bij een inkomen boven € 14.302 en maximaal € 19.895 bedraagt de ouderentoeslag maximaal € 13.992;
  • bij een inkomen boven € 19.895 komt men niet meer in aanmerking voor ouderentoeslag;
  • het vermogen mag (na aftrek van het heffingsvrije vermogen) niet hoger zijn dan € 279.708 per persoon (dus € 559.416 voor fiscale partners);
  • de ouderentoeslag zal vanaf 2016 worden afgeschaft.

 

Bijzondere vrijstellingen

Voor sommige bezittingen gelden bijzondere vrijstellingen:

  • bossen, natuurterreinen en onbebouwde gedeelten van aangewezen landgoederen;
  • voorwerpen van kunst en wetenschap, voor zover niet bedoeld als belegging (bijvoorbeeld: schilderijen die in de kamer hangen);
  • voorwerpen die niet van u zijn, maar die u krachtens erfrecht wel mag gebruiken (zoals de oude Jaguar die uw kinderen geërfd hebben, maar waar u zelf in mag blijven rijden); ook in dit geval mogen de voorwerpen niet bedoeld zijn als belegging;
  • rechten op kapitaalsuitkeringen bij overlijden van uzelf, uw partner of bloed- en aanverwanten, of op prestaties in natura voor een begrafenis (bijvoorbeeld: uitvaartverzekeringen), voor zover het verzekerde kapitaal of de waarde van de polis niet meer bedraagt dan € 6.859 per persoon;
  • tegoed op geblokkeerde bankrekening bestemd voor begrafenis, mits het tegoed in totaal maximaal € 6.859 per persoon bedraagt;
  • rechten op kapitaalsuitkeringen bij invaliditeit, ziekte of ongeval;
  • geld, chipkaarten, etc. bestemd voor consumentenaankopen (zoals cadeaubonnen, beltegoed, etc.) tot in totaal € 512.

 

Lijfrenteaftrek 2014

Voor lijfrentepremies gelden twee soorten aftrek:

  • aftrek in het kader van de jaarruimte is in principe mogelijk, mits de desbetreffende lijfrente aantoonbaar bedoeld is ter compensatie van een eventueel pensioentekort. Per geval moet uitgerekend worden hoeveel er afgetrokken mag worden;
  • aftrek in het kader van de reserveringsruimte wordt – net als bij de jaarruimte – getoetst en moet eveneens per geval berekend worden. Essentieel is hier dat er teruggekeken wordt naar de 7-jarige periode die voorafgaat aan 1 januari 2014 (had u vanaf 2007 een pensioentekort?).

 

Voor beide opties geldt: om in aanmerking te komen voor aftrek in 2014, dient u de premies ook daadwerkelijk in 2014 te betalen. De mogelijkheid om dat later te doen (namelijk voor 1 april van het volgende jaar) is komen te vervallen. De terugwenteling van zes maanden bij staking van de onderneming en de omzetting van de oudedagsreserve, bestaat nog wél.

 

Vermogensrendementsheffing drukken

Met ingang van 2011 geldt er nog maar één peildatum voor uw vermogen in box 3, namelijk 1 januari. Dus als u van plan bent om vermogensbestanddelen uit box 1 of box 2 te verkopen (zoals een eigen huis, een ter beschikking gesteld pand of AB-aandelen), dan kunt u de verkoop daarvan het beste uitstellen tot na 1 januari van het komend jaar. Anders moet u de verkoopopbrengst op 1 januari 2015 bij uw vermogen tellen, waardoor u in 2015 onnodig veel belasting zou moeten betalen over uw box 3-vermogen. En omgekeerd: als u van plan bent om dergelijke vermogensbestanddelen te gaan kopen (met eigen geld), dan kunt dat het beste vóór de jaarwisseling doen.

 

AWBZ

Op dit moment is er erg veel commotie rondom de eigen bijdrage voor de AWBZ bij opname in een verpleeginstelling. Veel ouderen zijn druk doende hun vermogen daarom weg te schenken. Let er op dat de inkomstenbelasting en de AWBZ een verschillend regime hebben en dat wat voor de ene wet geldt niet vanzelfsprekend ook in de andere wet van toepassing is. Laat u in ieder geval terdege adviseren voordat u besluit om tot schenking over te gaan!

 

Tip voor dga’s

Bij het uitkeren van dividend draagt de bv 15% dividendbelasting af, waarna de dga zelf nog 10% bijbetaalt voor de inkomstenbelasting (totaal: 25% belastingheffing). Het kan dus handig zijn om tijdig een voorlopige aanslag aan te vragen. Zo vermijdt u de belastingrente en verlaagt u de grondslag voor box 3. Het tarief in box 2 (belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang) is – alleen voor 2014 - verlaagd van 25% naar 22%. U betaalt dus minder belasting over dividenduitkeringen. Het verlaagde tarief geldt tot een bedrag van € 250.000 van het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang. Fiscale partners kunnen ieder afzonderlijk van de regeling gebruik maken, zodat het mogelijke voordeel dubbel zo groot is. Let er op dat de regeling per 2014 afloopt en niet zal worden verlengd.

Aftrekposten

 

Datgene wat als aftrekpost in aanmerking komt, maar betrekking heeft op volgend jaar, mag u al dit jaar betalen en aftrekken (met uitzondering van vooruitbetaalde rente voor de eigen woning, die betrekking heeft op een periode die eindigt na 30 juni 2015). Hieronder geven we enkele mogelijkheden.

 

Ziektekosten

Ziektekosten (in het belastingjargon ‘specifieke zorgkosten’ genoemd) zijn nog maar in beperkte mate aftrekbaar. Ga na, voor wat betreft de zorgkosten die nog aftrekbaar zijn, of u door het vooruitbetalen van rekeningen de drempel voor dit jaar kunt slechten.

 

De drempels bedragen:

  • verzamelinkomen tot € 7.457 per jaar: drempel € 125;
  • verzamelinkomen € 7.457 tot € 39.618 per jaar: drempel 1,65% van het verzamelinkomen;
  • verzamelinkomen € 39.618 per jaar of meer: drempel € 653 plus 5,75% van het meerdere boven € 39.618.

Is sprake van een partner dan gelden daarvoor ook drempelbedragen. Indien er sprake is van een partner dienen de uitgaven voor specifieke zorgkosten namelijk te worden samengevoegd en geldt het gezamenlijk verzamelinkomen vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek.

 

De hoogte van deze drempel hangt af van uw drempelinkomen. Uw drempelinkomen is het totaal van uw inkomsten en aftrekposten in box 1, 2 en 3. Uw persoonsgebonden aftrek telt niet mee. De hoogte van het drempelbedrag verschilt als u een fiscale partner hebt, omdat dan ook met het inkomen van de partner rekening wordt gehouden;

 

  • verzamelinkomen tot € 14.914 per jaar: drempel € 250;
  • verzamelinkomen € 14.914 tot € 39.618 per jaar: drempel 1,65% van het verzamelinkomen;
  • verzamelinkomen € 39.618 per jaar of meer: drempel € 653 plus 5,75% van het meerdere boven € 39.618.

De volgende zorgkosten zijn nog aftrekbaar: geneeskundige hulp (met uitzondering van ooglaseren ter vervanging van een bril of contactlenzen), ziekenvervoer, medicijnen op doktersvoorschrift, overige hulpmiddelen die op voorschrift verstrekt zijn (met uitzondering van bril en contactlenzen), extra gezinshulp (hiervoor geldt een aparte drempel), medische dieetkosten (hiervoor gelden forfaitaire bedragen), extra kleding en beddengoed (hiervoor gelden forfaitaire bedragen) en reizen voor regelmatig ziekenbezoek (volgens tabel).

 

Al deze uitgaven hebben – fiscaal gezien – betrekking op:

  • uzelf, uw partner en uw kinderen tot 27 jaar;
  • inwonende broers, zussen en ouders die ‘zorgafhankelijk’ zijn;
  • ernstig gehandicapte personen van 27 jaar of ouder, die tot het huishouden behoren.

 

TIP:     Vanaf 1 januari 2014 kunt u sommige vergoedingen niet meer van de inkomstenbelasting aftrekken. Het gaat om vergoedingen die u via de Wmo kunt aanvragen, zoals aanpassingen aan uw woning.

 

Scholingsuitgaven

Uitgaven voor het volgen van een opleiding of een studie zijn aftrekbaar als ze betrekking hebben op het verwerven van (meer) inkomen uit werk en als ze hoger zijn dan € 250. Het maximaal aftrekbare bedrag is € 15.000 (of meer, als u voldoet aan een aantal specifieke voorwaarden).

 

Ook de uitgaven voor een ‘procedure erkenning verworven competenties’ (EVC-procedure) vallen onder de scholingskosten. Het gaat daarbij om de kosten die u maakt om praktijkervaring om te laten zetten in een getuigschrift (officieel: ‘ervaringscertificaat’).

 

Giften

Het kan zinvol zijn om dit jaar nog een aantal giften te doen. Voor niet-periodieke giften geldt namelijk een drempel van 1% van het (gezamenlijk) verzamelinkomen vóór persoonsgebonden aftrek, met een minimum van € 60 en een maximum van 10% van het (gezamenlijk) verzamelinkomen vóór persoonsgebonden aftrek.

 

Houd verder rekening met de volgende zaken:

  • afzien door de vrijwilliger van een vrijwilligersvergoeding, mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan, waaronder het treffen van een vrijwilligersvergoeding;
  • maakt u autokosten voor een goed doel, dan is maximaal 19 cent per kilometer aftrekbaar als gift voor zover die kosten naar algemeen aanvaarde maatschappelijke opvattingen behoren te worden vergoed, ook al heeft de instelling zelf geen vergoedingsregeling getroffen;
  • giften vanuit een bv kunnen heel gunstig zijn!

 

[*start kadertekst*]

Aandachtspunten

  • Rijdt u jaarlijks niet meer dan 500 kilometer privé in een auto van de zaak, werk dan voor 31 december uw kilometeradministratie bij.
  • Alle woon-werkkilometers gelden als zakelijke kilometers. (Maar dan ook echt álle woon-werkkilometers, hoe vaak u ook op en neer naar huis rijdt. Dus ook de lunchkilometers.) Let er wel op dat de fiscale rechter heeft beslist dat het bij ritten met een ‘gemengd karakter’ (een buitenlandse zakenreis gecombineerd met een vakantie) toch sprake kan zijn van privékilometers.
  • Hebt u een testament, controleer dan of dat nog aansluit op uw huidige situatie.
  • Bent u getrouwd (of hebt u een geregistreerd partnerschap), controleer dan of uw huwelijksgoederenregime nog ’bijgewerkt’ moet worden. Bijvoorbeeld wat de verdeling van inkomen, winst of vermogen betreft.
  • Ga na of de huwelijksvoorwaarden (respectievelijk de partnerschapsvoorwaarden) eventueel omgezet moeten worden naar een gemeenschap van goederen of omgekeerd.

 

[*einde kadertekst*]

 

 

Tips voor ondernemers

 

Urenadministratie bijwerken

Wilt u in aanmerking komen voor zelfstandigenaftrek, startersaftrek, enzovoort, werk dan voor 31 december uw urenadministratie bij. In principe moet u uitkomen op minstens 1225 uur per jaar. Zwangere (of inmiddels bevallen) onderneemsters en arbeidsongeschikte starters hoeven minder uren te maken.

 

Investeringen vervroegen of uitstellen

Om optimaal te profiteren van de fiscale voordelen, is het raadzaam om goed na te denken over het tijdstip en de hoogte van uw investeringen. Misschien moet u bepaalde investeringen vervroegen of juist uitstellen tot volgend jaar.

 

Aandachtspunten:

  • alleen bedrijfsmiddelen vanaf € 450 komen in aanmerking voor investeringsaftrek;
  • de drempel voor de EIA, MIA en VAMIL is verhoogd. Het minimuminvesteringsbedrag per investering bedraagt € 2500. Het drempelbedrag voor de kleinschaligheidstoeslag (KIA) is wel gewoon op € 450 blijven staan;
  • hoe hoger het investeringsbedrag, des te lager het aftrekbare percentage. Bij investeringen boven € 306.931 per jaar (bedrag 2014), is geen aftrek meer mogelijk;
  • let er op dat u vanaf 2014 geen investeringsaftrek meer kunt krijgen op milieuvriendelijke auto’s;
  • als er sprake is van een samenwerkingsverband, dan is het niet mogelijk om een grote investering te verdelen over de afzonderlijke vennoten, om zo een hoger aftrekpercentage te behalen.

 

Willekeurig afschrijven

Als 2014 het laatste jaar is waarin u recht hebt op startersaftrek, dan is dit tevens het laatste jaar waarin u investeringen kunt doen waarop u willekeurig mag afschrijven.

 

Was u al van plan om nog te investeren, dan is het dus gunstig om dat dit jaar nog te doen (met een maximum van € 306.931). Het moet daarbij gaan om investeringen die ook in aanmerking zouden komen voor kleinschaligheidsaftrek.

 

Investeringsaftrek veilig stellen

Wilt u bepaalde bedrijfsmiddelen waarvoor u ooit investeringsaftrek hebt genoten weer verkopen, dan kan het gunstig zijn om de verkoop uit te stellen tot volgend jaar. Want: bij verkoop binnen vijf jaar na aanvang van het kalenderjaar waarin de investering heeft plaatsgevonden, moet de aftrek weer geheel of gedeeltelijk worden bijgeteld. Daarna niet meer.

 

Herinvesteringsreserve benutten

Ga na of u nog dit jaar bedrijfsmiddelen moet aanschaffen, om te voorkomen dat u uw herinvesteringsreserve verspeelt.

 

Aardige beloningen voor werknemers

 

Het is er dan toch van gekomen: de werkkostenregeling (WKR) zal per 1 januari 2015 worden ingevoerd. Dat wil zeggen: de regeling was al eerder ingevoerd, maar u mocht het oude regime nog blijven toepassen. En dat gebeurde massaal. Dat is per 1 januari 2015 voorbij. Weet dat het – als u de nieuwe WKR in uw bedrijf nog niet had ingevoerd – voor de laatste keer is dat u van deze fiscale aardigheidjes gebruik kunt maken.

 

Fiets

Ondanks fel verzet van de branche zal de bekende fietsregeling verdwijnen (dat wil zeggen: opgaan in de algemene regeling). Het kan dus verstandig zijn om nog dit jaar nieuwe fietsen en andere zaken die u nog belastingvrij kunt vergoeden voor uw werknemers te kopen!

 

Geschenkenvrijstelling

Werkgevers mogen hun werknemers één maal per jaar iets leuks of lekkers geven, zonder dat de werknemer daar belasting over hoeft te betalen. Het maximaal vrijgestelde bedrag is € 70 per persoon, net als vorig jaar. Hierbij dient u uit te gaan van de winkelwaarde van het geschenk, inclusief btw en inclusief de kosten van verpakking en bezorging. De gift hoeft niet gekoppeld te zijn aan een algemeen erkende feestdag.

 

Als werkgever moet u wel rekening houden met een eindheffing van 20%! Dat is loonbelasting die niet op de werknemer verhaald mag worden.

 

Werkkamer thuis

U mag bijdragen in de inrichtingskosten van een werkkamer, tot maximaal € 1.815 per werknemer per vijf jaar. Let overigens wel op de aanvullende eisen die de wet hierbij stelt. En houd er tevens rekening mee dat de werkkamer geen ‘gerichte vrijstelling’ in de nieuwe werkkostenregeling is. Dus als u de werkkostenregeling in 2014 al toepast, kunt u de inrichtingskosten niet meer belastingvrij vergoeden.

 

Loon in natura

Sommige vormen van loon in natura kunnen fiscaal aantrekkelijk zijn. Bijvoorbeeld: een fiets, een ov-kaart, of producten van het eigen bedrijf. Voor producten van het eigen bedrijf geldt een aantal speciale vereisten, bijvoorbeeld dat per product maximaal 20% korting gegeven mag worden (ten opzichte van de winkelwaarde) en dat de korting per werknemer maximaal € 500 per jaar mag bedragen. Deze regeling blijft overigens in de nieuwe WKR, weliswaar in aangepaste vorm, bestaan.

 

Kilometervergoeding

Onafhankelijk van het gebruikte vervoermiddel geldt een belastingvrije vergoeding van (nog steeds) 19 cent per kilometer. Dus niet alleen voor auto’s, maar ook voor fietsen en scooters.

 

Personeelsvereniging

Contributies aan personeelsverenigingen kunnen onbelast worden vergoed. De vereniging moet incidentele activiteiten en ‘ondergeschikte voorzieningen’ organiseren (zoals het sinterklaasfeest), en de deelname moet openstaan voor minstens driekwart van het personeel. Als alleen de dga en/of zijn partner gebruik kunnen maken van de voorzieningen, dan is de contributie belast.

 

Let op bij de laatste btw-aangifte

Verzorgt u zelf uw btw-aangifte, voorkom dan boetes en rente door bij de laatste aangifte van dit jaar goed op de volgende punten te letten:

  • btw-correctie privégebruik personenauto (zie ook het artikel hierna);
  • correctie in het kader van de bedrijfskantineregeling;
  • overige correcties, zoals verstrekkingen aan het personeel (denk aan het kerstpakket!), relatiegeschenken, enzovoort;
  • herziening voorbelasting investeringsgoederen.

 

Op grond van nieuwe wetgeving bent u voortaan verplicht om zelfstandig een aanvullende (suppletie)aangifte te doen als er een bedrag aan btw bijbetaald moet worden.

 

Btw-correctie privégebruik personenauto

De bekende bijtelling voor een auto van de zaak geldt ook voor de btw. Maar aangezien u in de loop van het jaar gewoon álle btw voor brandstof en reparaties enzovoort hebt afgetrokken, moet u daar aan het eind van het jaar een correctie (terugbetaling) voor toepassen. Voor dit jaar (2014) geldt voor alle auto’s een correctie van 2,7% van de catalogusprijs (incl. btw en BPM). Vanaf het zesde gebruiksjaar wordt de correctie verlaagd naar 1,5% van de catalogusprijs.

 

Btw besparen bij verkoop bedrijfspand

Stel dat u in de afgelopen tien jaar een nieuw bedrijfspand hebt laten bouwen waarvoor u destijds btw-aftrek hebt gekregen. Als u dat pand rond deze tijd wilt verkopen, waarbij de verkoop is vrijgesteld van btw, dan kunt u de verkoop het beste uitstellen tot ná 31 december 2013 (vooropgesteld dat het boekjaar gelijk is aan het kalenderjaar).

 

Dat scheelt u een extra btw-afdracht. Want gedurende negen boekjaren volgend op het boekjaar waarin u het pand bent gaan gebruiken, geldt de zogenaamde herzieningstermijn. Die houdt in dat u voor elk boekjaar van de resterende herzieningstermijn 10% van de afgetrokken btw weer terug moet ge­ven aan de fiscus.

 

Belastingplan 2015

 

In vergelijking met vorig jaar valt het allemaal reuze mee met de fiscale wijzigingen vanaf 2015. Hadden we vorig jaar nog een dik pakket wetsvoorstellen, dit jaar beperken we ons tot één (en dan nog tamelijk bescheiden) wetsvoorstel. De vooral voor de dga ingrijpende voorstellen van de commissie Dijkhuizen lijken in een bureaula te zijn verdwenen.. En ook die zullen er gaan inhakken, met name bij (kleine) ondernemers en bij dga’s met hun bv.

 

Een volledig overzicht van alle voorgestelde maatregelen (nog los van het feit of deze voorstellen de eindstreep zullen gaan halen) gaat het bestek van deze Nieuwsbrief te buiten. Onderstaand een beperkte keuze uit de vele voorstellen:

  • de belangrijkste wijziging is natuurlijk de definitieve invoering van de WKR;
  • de tijdelijke verlaging van het tarief in box 2 (22% in plaats van 25%) wordt niet verlengd. Dat kan voor de dga reden zijn om nog in 2014 dividend uit te keren;
  • de gebruikelijkloonregeling wordt aangescherpt door een verlaging van de bekende doelmatigheidsmarge van 30% naar 25%. Reden om de hoogte van uw zakelijke bv-salaris te heroverwegen;
  • in 2015 zal (tijdelijk) de mogelijkheid worden geherintroduceerd om uw levenslooptegoed fiscaal voordelig op te nemen;
  • een aantal voor de woningmarkt gunstige maatregelen worden permanent gemaakt. Verder blijft het lage btw-tarief op arbeidskosten bij renovatie- en (tuin)onderhoudswerkzaamheden nog gedurende de eerste zes maanden van 2015 6% bedragen;
  • voor inkomens van € 100.000 of meer komt er een (vrijwillige) netto-pensioenregeling;
  • er komt een regeling op grond waarvan zzp’ers in geval van arbeidsongeschiktheid hun derde pijler pensioen mogen opnemen zonder fiscale sancties.
  • de aftrekbaarheid van buitenlandse boetes komt te vervallen;
  • de waardering van auto’s bij import wordt aangepast.