Voortaan harde straffen voor bewust te laat betalen

Per 1 januari 2014 is ook het opzettelijk niet, gedeeltelijk of te laat betalen van aangiftebelasting strafbaar. Dit betekent dat de ondernemer die bijvoorbeeld zijn btw-aangifte of de aangifte loonheffingen juist doet, maar het verschuldigd bedrag opzettelijk niet, gedeeltelijk of te laat betaalt naast een geldboete nu ook een gevangenisstraf riskeert.                  

Situatie vóór 1 januari 2014

Tot 1 januari 2014 was alleen het opzettelijk niet, onjuist, onvolledig of niet tijdig doen van een aangifte een strafbaar feit. Het niet of niet tijdig doen van aangifte is een misdrijf waarop een gevangenisstraf staat van hoogstens vier jaren of een geldboete van de vierde categorie of, als dit bedrag hoger is, hoogstens het bedrag van de te weinig geheven belasting. Het onjuist of onvolledig doen van aangifte is een zwaarder misdrijf. Daarop staat een gevangenisstraf van hoogstens zes jaren of een geldboete van de vijfde categorie of, als dit bedrag hoger is, hoogstens het bedrag van de te weinig geheven belasting. Als een ondernemer voorheen een aangiftebelasting (zoals de omzetbelasting of loonheffingen) wel juist aangaf, maar niet betaalde, kon de fiscus bij naheffing een bestuurlijke boete opleggen. Maar de ondernemer kon niet strafrechtelijk worden vervolgd voor ‘belastingfraude’. Per 1 januari 2014 is hierin verandering gekomen.

Situatie na 1 januari 2014

Om een einde te maken aan deze vorm van belastingfraude heeft het kabinet besloten de regels in de AWR als het gaat om het betalen van aangiftebelastingen aangescherpt. Bij de aangiftebelastingen is de betalingsverplichting immers belangrijker dan de aangifteverplichting, aangezien de ondernemer in dat geval op eigen initiatief de aangifte moet doen en betalen. Daarom kwalificeert met ingang van 1 januari 2014 ook de betalingsverplichting bij aangiftebelastingen als een misdrijf. Hierop staat een gevangenisstraf van hoogstens zes jaren of een geldboete van de vijfde categorie (€ 81.000) of, als dit bedrag hoger is, hoogstens het bedrag van de te weinig betaalde belasting. Door deze wetswijziging kan het opzettelijk (gedeeltelijk) niet of te laat betalen van bijvoorbeeld omzetbelasting in het uiterste geval leiden tot een gevangenisstraf.

Niet tijdig betalen

Van niet tijdig betalen van een aangiftebelasting is sprake als een ondernemer uiteindelijk wel (volledig) heeft betaald vóórdat de inspecteur hem op het spoor was, maar niet binnen de door de belastingwet gestelde termijn, namelijk tegelijkertijd met de aangifte. Bij het niet of gedeeltelijk niet betalen is het door de Belastingdienst ontvangen bedrag niet gelijk aan de materieel verschuldigde belasting. Het kan zijn dat het betaalde bedrag niet overeenkomt met de verder juiste en volledige aangifte of het betaalde bedrag is wel overeenkomstig de aangifte, maar dat de aangifte onjuist of onvolledig is. In het laatste geval maakt de ondernemer zich dus ook schuldig aan het strafbaar feit dat de aangifte onjuist of onvolledig is.

Gevolgen voor de btw

Het komt weleens voor dat een ondernemer een btw-nihil aangifte doet (wanneer hij nog niet over alle relevante gegevens beschikt) en later alsnog een juiste aangifte indient. Tot 1 januari 2014 verviel het recht op strafvervolging op het moment dat de Belastingdienst de juiste aangifte ontving. Met ingang van 1 januari 2014 is het herstellen van een onjuiste aangifte door een juiste aangifte nog steeds mogelijk, maar een late betaling kan men niet meer ongestraft herstellen. De ondernemer doet immers bewust een nihil aangifte en betaalt op dat moment dus geen btw. Als hij wel een juiste aangifte had gedaan, had hij waarschijnlijk wel btw moeten betalen. De fiscus kan in zulke gevallen een geldboete opleggen aan de ondernemer, maar er kan voortaan ook een gevangenisstraf worden geëist. Het is dus niet meer verstandig om eerst een nihil aangifte in te dienen.

Let op: Er is geen sprake van opzet als een goedwillende ondernemer die al dan niet tijdelijk in betalingsproblemen verkeert om uitstel van betaling vraagt of als een aangifte in een teruggaaf resulteert.